de zeven hoofdzonden: luiheid

(deel drie in de reeks)

Kijk naar de datum van deze blogpost en naar die van de vorige, ik moet er verder geen tekeningetje bij maken.

NOT! Zo is het eigenlijk helemaal niet. Ik ben niet lui, ik wou soms dat ik wat luier kon zijn. Ik kan mezelf maar moeilijk iets gunnen zolang ik nog werk zie liggen. Meteen ook de reden dat het hier even stil bleef : schrijven begon als de zoveelste verplichting aan te voelen, iets dat ik nog moest doen vooraleer ik iets anders mocht doen van mezelf.

Vandaag had ik er plots weer zin in, dus: bij deze. Morgen misschien meer.

de zeven hoofdzonden: hoogmoed

Deel twee in mijn, lichtjes overmoedig begonnen, reeksje :

Hoogmoed
— Superbia is de Latijnse benaming voor hoogmoed of ijdelheid. Het wordt beschouwd als de ergste van de zeven zonden en eveneens de eerste: alle andere zonden komen uit superbia voort. Met superbia wordt bedoeld de overschatting van het eigen kunnen, en het neerkijken op alle anderen —

Hoogmoed, het neerkijken op anderen, is een lelijk beest.

Ik zou graag zeggen dat ik daar niet aan doe, maar dat zou ook al hoogmoedig zijn.  Over de zwervers met hun goedkope pils bij de uitgang van de supermarkt denk ik dat het met mij toch nooit zover zou komen. Of over een stoefer zeg ik al eens iets als “Die denkt zeker dat de evenaar door zijn gat loopt!” Maar als ik dan denk dat ik een beter mens ben, ben ik dan niet gewoon minstens even hoogmoedig?

In de wachtzaal van het ziekenhuis zat een – waarschijnlijk psychisch zieke – vrouw zichzelf luidkeels te beklagen tegen haar moeder. “Ik kan niks, ik ben niks, ik heb niemand, wat moet mijn kind toch met zo’n waardeloze moeder, …”, en dat non-stop wel zeker een kwartier lang. Ik heb me moeten inhouden om niet te zeggen “Mens, raap uzelf bij mekaar en maak iets van uw leven in plaats van zo te zagen!” Hoe hoogmoedig is dat wel niet, ze kwam daar waarschijnlijk om hulp. Het is zo gemakkelijk om snel te oordelen, dingen af te toetsen aan mijn eigen werkelijkheid. Ik weet dat goed genoeg en toch blijf ik het doen.

Over hoogmoed als in ‘overmoed’ of ‘zelfoverschatting’ heb ik een ander gevoel.

Voor de katholieke kerk was deze hoogmoed de eerste en ergste van alle zonden.  Uit hoogmoed kwam Lucifer in opstand tegen God en viel uit de hemel, en uit hoogmoed waren Adam en Eva ongehoorzaam en werden ze als straf verbannen uit het paradijs. Mensen moesten nederig zijn, hun plaats kennen  – ergens onderaan – en vooral Gods wegen niet in twijfel trekken.

Mjin gedacht: als iedereen daarnaar geleefd had, zaten we vandaag nog steeds in de middeleeuwen. Wie zou hebben durven proberen een vliegtuig te bouwen, nadat God de mens geen vleugels had gegeven. Laat staan naar de maan vliegen en ook nog terugkomen, alle wetten van de zwaartekracht ten spijt, pure hoogmoed! Nee, een klein beetje overmoed, dat kan volgens mij geen kwaad. Om te durven springen, iets nieuws te durven proberen, de lat een beetje hoger te leggen. “Dat gaat niet, bestaat niet” zei K3, en daar sta ik achter. Met een beetje overmoed, en wie weet ook een beetje geluk, geraak je volgens mij een heel eind.

icaro

de val van Icarus – door Jacob Peter Gowy

de zeven hoofdzonden: hebzucht

sunshine-awardVroeger, toen de dieren nog spraken en de bazen nog een snor hadden, las ik elke week de Humo. Zonder mankeren las ik ook elke week het interview, “de zeven hoofdzonden volgens puntje puntje”. Ook al was de puntje puntje soms een ver-van-mijn-bed figuur, toch was er altijd een zekere herkenbaarheid. In het diepst van onze gedachten zijn we allemaal gelijk, geloof ik. Stiekem bedacht ik telkens ook wat ík zou antwoorden. Intussen weet ik al lang dat ik wel van veel íets kan, maar van niets uitzonderlijk veel, en dat die van denhumo het mij dus nooit zullen komen vragen. Gelukkig heb ik nu wel een blog, en een klein maar fijn publiek.

Ik kreeg hier ook nog een sunshine blogger award toebedeeld, waardoor ik verondersteld word zeven dingen te delen die jullie nog niet van mij wisten.

Eén en één is twee, dacht ik toen, of eigenlijk zeven in dit geval. Ik schotel jullie dus mijn zeven hoofdzonden voor. Hebzucht, hoogmoed, luiheid, gulzigheid, onkuisheid, gramschap en jaloezie; niets menselijks is ons vreemd! Ik begin bij de eerste.

Hebzucht
— Avaritia, de Latijnse benaming voor hebzucht, is het verlangen naar macht, geld, rijkdom of bezittingen, met name als door het bezit van een van deze men een ander hetzelfde bezit ontzegt.–

Met hebzucht heb ik iets dubbels.

Langs de ene kant heb ik het gevoel dat ik absoluut niet hebberig van aard ben. Zo heb ik er een bloedhekel aan om dingen dubbel te hebben – met kleren heb ik dat niet, nee, de ene trui is ook de andere niet tenslotte. Maar twee broodmessen en drie kurkentrekkers in de lade, daar word ik echt ambetant van. Ik vind het ook héél moeilijk om iets weg te doen dat niet stuk is. Broodmessen en kurkentrekkers gaan doorgaans een leven lang mee, helaas.

Langs de andere kant heb ik het gevoel dat ik telkens wel iets anders nodig heb. Vorige week begon ik het start2run programma, op mijn oude tennisschoenen, de iphone (4)  in de hand met het volume op max wegens geen oortjes die blijven zitten. ‘Zorg zeker voor goede loopschoenen’, roepen ze van alle kanten, dus hop, een tripje naar de sportwinkel om goede loopschoenen, en een online shopping tripje om een sport-hoofdtelefoon. En dan heb ik eigenlijk ook nog geen geschikte kleren om in de winter mee buiten te lopen. En zo is het elke week wel wat, is het niet voor mij dan wel voor iemand anders van mijn gezin. Soms droom ik wel eens van een sober leven, ergens in Ver-weg-gistan, waar de 100 things challenge geen kans maakt omdat mensen niet eens aan honderd bezittingen komen. Ik zou dat aankunnen, een tijdje. Zolang één van die honderd dingen maar een computer is, met internet alstublieft. Hmm. Hoogmoed allicht, maar dat is voor de volgende keer.

PS : Als nog iemand zin heeft om zijn of haar zonden aan de grote klok te hangen, be my guest! Laat een linkje achter, dan link ik terug.